logo

Waterval les 27: een sportief gebaar

 

* Dialoog uit het boek

1. DRIL: separabele en inseparabele werkwoorden

2. Regel (herhaling uit les 19): indirect voor direct object (ID)
3. Regel (herhaling uit les 20): tijd-manier-plaats (TMP)
DRIL: ITMPD

3. Lezen
4a. Luisteren
4b. Luisteren: vereniging 'Ons genoegen'. Het woord is aan de voorzitter.


5. Spreken
6. Schrijven

7. Woordenschat: sport
8. Externe link: meer woordenschat sport

* Filmpje 1: Voetbalvader
* Filmpje 2: Taalklas 9, Vrije tijd
Wat doen deze mensen in hun vrije tijd?
* Filmpje 3: "Ik wil bowlen!"

* Filmpje 4: Willem van Hanegem
Willem van Hanegem, een van de beste Nederlandse voetballers ooit, en zeker de grappigste.
Hier vertelt hij over Klaas en Louis, twee 'mongolen' die hem hielpen bij het trainen.
Heel grappig en ontroerend.

Liedje: "De voetbalmatch"

Jan de Bakker had me zondag uitgenooigd (uitgenodigd)
Voor een wedstrijd tussen Ajax en Blauw-Wit
Nou, die slome het (die langzame sukkel heeft) 'r eer mee in gelegen (dat goed gedaan)
Je wordt koud mens, als je daar te knijste zit
Ik heb nooit geweten dat ik zo sportief was
Want nou ja, van voetbal wist ik nog niet veel
Maar zo nou en dan docht (=dacht) ik dat ik 't aflee (dat ik het aflegde=dat ik doodging)
Want de zenuwen die zaten in m'n keel

Twintig knullen in d'r Jansen en Tielanes (Jansen & Tilanus: oud kledingmerk)
Liepen los in het midden op een grasveld rond
Wassen beelden mens, om zo rauw in te bijten
Af en toe dan kwam het water in me mond
Ik zat zonder erg dat snoepgoed an (aan) te kijken
En ik wist niet dat 't al begonnen was
Eensklaps riep de Bakker "kool!" (goal) en van emotie
Vielen al z'n valse tanden in 't gras

In de verte sting (stond) een gozer (man) in 'n poortje
Met van achteren een soortement van net
Ik zeg "Waarom gaat die vent niet aan de kant staan?
Hij krijgt iedere keer die stuiter (bal) op z'n het (hoofd) "
Jan die heb me toen de regels uitgelegen (uitgelegd)
En hij zei "Die vent heet keeper en dat mot (moet)
Wie de voetbal in 't net schopt heeft [het] een kooltje (goaltje)
En wie de meeste kooltjes krijgt die wint de pot"

Een brok kifteling (een naarling, een klier, een etter) floot telkens op een fluitje
En dan riep 'ie "hands", "penalty" of "free kick"!
En dan mosten (moesten) ze van voren af an (aan) beginnen
Ik zeg "Waarom krijgt die druiloor niet de hik?
As-tie (Als hij) nog eens roet in 't eten durft te gooien
Dan maak ik ook hands, maar dan gaat 't met geweld
Zal ik 'm een penalty op z'n ogen geven
Dat z'n hele middenlinie d'r van zwelt"

Na een kwartiertje werd de wedstrijd reuze spannend
En de hele kliek krioelde op de grond
Jan riep "Corner!", da's een doodschop om een hoekkie
En toen kwam 'r een invalide van 't front
Ik zeg "Jesses Jan, d'r vallen toch geen dooie?
Ik bedoel maar 't is haast zonde da 'k zeg
As 't zo mot zoek ik liever met z'n tweetjes
Wat verstrooiing op de Nieuwe Wandelweg."

Ied're keer stormde een ploegie weer naar voren
en dan kreeg die bal een mep, ik zeg: "Hij lijdt!"
als de bal weer in 't netje was gekieperd
dan floot die lange en dan riepen ze: "Off side!"
Jan die zei me "Dat goaltje was niet geldig."
"En hij lag in 't net, dat komt toch niet te pas?"
Toen zei Jan "Die spil, die had niet magge schieten
Omdat 'ie in overspelpositie was."

Ik hoorde niks meer as (als) "hup Ajax" of "hup Feyenoord"
Om die scheidsrechter wier (werd) ik toch toen zo vals
Dat ik gooide een banaan vlak op z'n ponem
En viel huilende m'n Bakker om z'n hals
Nou die smeedde gauw 't ijzer toen 't heet was
En hij gaf me een verbouwereerde zoen
Ik weet heus niet wie de wedstrijd heeft gewonnen
Maar mijn Jantje is voor mij de kampioen!

Index